MAK

Full text: Verslag aan zijne Excellentie den Minister van Binnenlandsche Zaken, omtrent de Wereld-Tentoonstelling: gehouden te Weenen, van 1 Mei tot 2 November 1873, en meer bepaaldelijk omtrent de Nederlandsche Afdeeling

21 
wat eigenlijk yoor deeling noch splitsing vatbaar was, zou 
’t niet veel van zijne beteekenis en genoegzaam al zijne in- 
structieve waarde verliezen. 
Wij komen echter zoo aanstonds vanzelf weder hierop te- 
rug, wanneer wij eerst even een blik hebben geworpen op 
het tentoonstellingsterrein en de inrichting daarvan. 
Toen, na het Keizerlijk Besluit dat de tentoonsteling in 
1873 te Weenen zou gehouden worden, de vraag zieh opdeed, 
waar men daartoe de meest geschikte plaats zou vinden, wa 
ren de meeningen dienaangaande aanvankelijk wel wat ver- 
deeld, daar sommigen er het exercitie-terrein bij het Station 
van den West- of Kaiserin Elizabethbaan, anderen het juist 
aan bet tegenovergestelde uiteinde der stad gelegene Prater 
voor wilden bezigen; tot weldra de Keizer zelf aan dien twijfel 
een einde maakte, door een gedeelte en wel bet middenge- 
deelte van bet Keizerlijke Prater, een groote, ongelijkzijdige 
driehoek, tusschen de Haupt-Allee en de Feuerwerks-Allee (la 
ter Ausstellungs-Strasse) hiertoe aan te wijzen; een oppervlakte 
ter groote van 2.330.631 vierk. Meter. 
Om zieh van de uitgestrektheid van dit terrein een dragelijk 
begrip te vormen, heeft men slecbts de oppervlakten, waarover 
men voor de tot dusverre gehouden Wereld-tentoonstellingen te 
besebikken bad, met elkaar en met deze te vergelijken. Die 
oppervlakten bedroegen namelijk: 
Voor de Londensche tentoonst. in 1851 80.000 vierk. Meter. 
» „ Parijsche „ „ 1855 103.000 „ „
	        
Waiting...

Note to user

Dear user,

In response to current developments in the web technology used by the Goobi viewer, the software no longer supports your browser.

Please use one of the following browsers to display this page correctly.

Thank you.